Dinsdag verhuisdag. Janna, Harry, Maarten, Wouter en Casper gaan nog een weekje in het huis van Thijs (ook een kennis van Jos en Martine) logeren en wij gaan naar Lissabon. We hebben eerst meegeholpen met de verhuizing naar Thijs, daarna brengt Janna ons naar Lissabon, ruim 250 kilometer noordelijker van Odemira.
Na inchecken een hapje eten met een roseetje erbij – het bleek een fles te worden in plaats van een glaasje, en we vielen prompt in slaap toen we even terug waren in het hotel.
Ons hotel ligt vlakbij de zee, in de lage stad. We zijn met de lift naar het hoge deel van de stad gegaan en hadden daar een prachtig uitzicht over de lage stad die baadde in de avondzon. In de hoge stad hebben we nog even wat gedronken, en later gegeten in een leuk klein Portugees restaurantje.
Veel mieren uit de tipi hadden zich kennelijk verstopt in onze tassen, ze blijven tevoorschijn komen…

Het nadeel van slapen met kinderen in een tent is dat je ook vroeg wakker bent als de kinderen al voor zeven uur wakker worden. En dan blijkt ook nog een miereninvasie te hebben plaatsgevonden, de tipi zit er vol mee (gelukkig kregen we mierenlokdoosjes waarmee het probleem gelijk opgelost was).
Tegenover ons appartement zit een bakker, en die gaat op zondag al om half acht open. Dus wat lekkere broodjes kopen en onderweg.
Om kwart voor acht zijn we er helemaal klaar voor en gaan we op weg Het doel is Spanje halen, en liefst een paar honderd kilometer na de grens. De dag begint goed, we kunnen uren lang zonder file rijden. Maar bij Tours gaat het mis, we moeten een tolweg op en dat geeft een gigantische vertraging. Tot voobij Boreaux blijft het kwakkelen, we verliezen een uur of vier door files en langzaamrijdend verkeer; dus toch nog aardig wat van Zwarte Zaterdag gemerkt.
Harry, mijn zwager, is op de fiets onderweg van Houten naar Odemira in Zuid-Portugal.