Categoriearchief: Zonder tweets

Kaapstad 2911/2: Slaapstadje Greyton

Over drie dagen worden we verwacht in Kaapstad, dan hebben we daar een hotelreservering. Een goede reden om alvast een flink stuk richting Kaapstad te rijden vandaag, en wel naar het plaatsje Greyton, zo’n 400 kilometer richting westen.
Om een of andere reden heb ik mijn dag niet, het wordt een stille tocht in de auto maar wel weer met mooie vergezichten. Het weer in de bergen is niet al te geweldig, gister was er ook al flink wat regen gevallen toen we in de grotten zaten, ook vandaag zien we veel buien in de bergen hangen waar we onderweg zelf ook een en ander van mee krijgen. Op zich niet erg, het maakt het autorijden qua temperatuur wat aangenamer.

De omgeving is duidelijk anders dan een paar dagen geleden, toen zaten we vooral in wijngebieden, nu in de landbouw. Het ziet er gelijk heel anders uit, veel graan zo te zien en veel stro- en hooirollen en -balen.

Greyton is echt een slaapstadje, er is één grote weg met een paar restaurantjes en winkeltjes, meer niet. Je kunt hier leuke fiets- en wandeltochten door de bergen maken, maar daar is het veel te laat voor als we in het dorpje aankomen.
Het guest house dat we vinden heeft een bubbelbad! Daar gaan we maar eens uitgebreid gebruik van maken voor we in de buurt wat gaan eten. Onze kamer binnen komen is een beetje vreemd, de deur heeft een normale hoogte maar het slot is kennelijk voor dwergen bedoeld.

Een lekker rustig dagje zo – mede omdat er geen internet is. Het is ons al een paar keer overkomen dat er wel WiFi is, maar dat er geen verbinding met internet is, dat is hier ook zo.

Wat me tot nu toe erg op valt is dat we blijkbaar in ‘wit’ Zuid-Afrika zitten, in de restaurants, bars en dergelijke zijn vooral blanken en gemengd-kleurlingen te vinden, de echt origineel zwarte bevolking zie je vooral als werklui. De restaurants, guest houses en dergelijke hebben allemaal blanke eigenaars die altijd een aardig aantal zwarten in dienst hebben, negentig procent van de gasten is ook blank. De apartheid mag dan zijn afgeschaft, dat betekent hier nog niet dat iedereen werk op hetzelfde niveau heeft.

Voor ons is Zuid-Afrika een lekker goedkoop land. Het is ons nog niet gelukt om in een restaurant een rekening te krijgen van meer dan 480 Rand, 48 euro (dat is exclusief tip, je wordt geacht 10% bij de rekening op te tellen). En dat voor ons samen, en in over het algemeen de wat betere restaurants.
Overigens is 480 Rand voor de gemiddelde (zwarte) Zuid-Afrikaan een flink kapitaal.

Kaapstad 2011/2: Nationale borstendag?

Ontbijten, inpakken en wegwezen, we gaan naar Oudtshoorn.
Oudtshoorn ligt een stukje het binnenland in, eerst terug naar George en vandaar de pas weer over de bergen in. In George tanken we voor de zekerheid maar even, volgens de teller kunnen we nog 200 kilometer rijden maar benzinepompen zijn alleen in woonplaatsen te vinden en niet zomaar ergens langs de weg. Een liter benzine kost hier 10.40 Rand, dus ongeveer 1 euro per liter; kunnen we in Nederland alleen maar van dromen.

In Oudtshoorn aangekomen gaan we richting centrum om bij een toeristenbureau informatie te vragen. Die is dicht want tweede kerstdag is ook in Zuid-Afrika een nationale feestdag. Dat mag de pret niet drukken, tegenover dat bureau zit een restaurantje met daarbij een guest house. Terwijl we er langs lopen zit Vincent zich te vergapen aan de ijsjes die er op tafel staan en dan gebeurt het: hij stapt in een gat in de weg en valt, met een flink aantal schrammen op zijn knie en been tot gevolg. Om van de schrik te bekomen gaan we op het bewuste terrasje zitten en bestellen een kop koffie. Het is best een leuk plekje en we besluiten te vragen of we hier een nachtje kunnen blijven.
Vincent regelt een en ander en zegt tegen mij even de auto te halen want er staat een poort open waar we de auto kunnen parkeren. Ik geef een paar Rand aan de parkeerwachter en stap in de auto. En weer uit want waar ik was gaan zitten zit geen stuur en geen pedalen. Shit, haastige spoed…

Waarom zij we naar Oudtshoorn gereden? Het is bekend van grotten 25 kilometer verderop en de struisvogels. Doel van vandaag is: de grotten beleven.

En dat was een belevenis. Je kunt kiezen uit twee wandelingen in de grotten, de gewone en de avontuurlijke, we kiezen natuurlijk voor de laatste. We wisten dat het bijzonder moest worden maar toen we eenmaal de kaartjes hadden en de waarschuwingen lazen, toen wisten we zeker dat we aan een avontuur begonnen waren.
Voor de spannende route is het handig als je:
– lichter bent dan 85 kilo,
– geen last hebt van hoogtevrees,
– geen tas bij je hebt,
– door een sleuf van 27 centimeter hoogte kunt,
– niet ouder bent dan 50 jaar,
– en geen last van claustrofobie hebt.

Ik had een tas bij me met fotospullen en ben tegen de 83 kilo; Vincent is 50 jaar, heeft hoogtevrees en heeft zijn been bezeerd. Dat wordt lachen.

Ik breng mijn tas met fotospullen maar terug naar de auto, dat vind ik eigenlijk mijn grootste avontuur, een kapitaal aan spulleboel achterlaten in een land waar je constant wordt gewezen op (on)veiligheid; Vincent maakt zich vooral zorgen om zijn hoogtevrees.
Na een uur wachten mogen we dan eindelijk naar binnen, het eerste stuk is samen met de gewone tour, en simpel. Wel erg mooie formaties van stalactieten en stalagmieten; ook laat men zien met hoeveel licht de ontdekkers van de grot vroeger hun speurtochten moesten doen, vrijwel niks dus. Ook waren er toen geen mooie geplaveide paden en trappen zoals nu.

Al snel worden de avonturiers gescheiden van de rest en gaan we de diepere delen van de grotten in. Eerst gaat het via een steile trap omhoog en moet je door een smalle, lage doorgang. Daarna door een zeer lage ruimte, je moet er voorover gebogen en door je knieën gezakt doorheen (de back-breaker). De volgende onderneming is de Tunnel of Love, een zeer smalle doorgang waar je alleen zijdelings doorheen kunt.
Tot nu toe gaat het allemaal wel, ook redelijk kleine kinderen doen gewoon mee – sterker, omdat ze klein zijn passen ze overal makkelijk doorheen. Maar nu komt het lastigste, the Chimney (schoorsteen). Dit is een klein gat dat steil schuin omhoog gaat. Met enige moeite wurm je je in het gat waarna je met je rechtervoet op een richel moet gaan staan om je omhoog te duwen; vervolgens moet je je linker been omhoog tillen en steun zoeken met je knie. Is dat gelukt dan hang je licht voorover met je buik op de rotsen in het gat, nu moet je je met je handen aan de gladde wanden iets omhoog zien te werken en dan weer met je rechtervoet op een hoger punt weer steun zien te vinden. Is dat gelukt dan verandert het gat van rond naar smal en moet je met een rare draai verder zien te komen. Het lukt me redelijk, Vincent komt na mij en ik help hem hier en daar een stukje omhoog.

Het duurt even, maar op een gegeven moment is iedereen door het gat en gaan we richting letter box, de brievenbus. En dat slaat in dit geval op een smalle gleuf waar we allemaal doorheen moeten. Het is zoals gezegd 27 centimeter hoog, je kruipt er op je buik naar toe en als man ga je er eerst met je hoofd doorheen. Achter de opening van de brievenbus gaat het steil naar beneden, je laat je als van een glijbaan op de buik naar beneden zakken. Vrouwen gaan met de benen eerst door de gleuf want het is volgens de gids vandaag ‘not national boobs day (geen nationale borsten dag)’.

Hierna zijn we op het verste punt aangekomen en gaan we via een iets andere route weer terug. Het was echt een avontuur, maar je moet het niet doen voor de pracht en praal van de grotten, dat zie je het beste in het eerste deel van de route die voor iedereen toegankelijk is.

Dit keer is niemand blijven steken, maar dat schijnt wel eens te gebeuren. Ooit wilde een dik stel deze tocht ook doen, tegen alle adviezen in, en er raakte er een bekneld; het heeft tien uur geduurd om het probleem op te lossen, 23 anderen hebben zo lang moeten wachten voor ze weer naar buiten konden…

Vincent en ik zijn er beide erg trots op dat we dit gedaan en gehaald hebben!
Terug bij het guest house doen we ons tegoed aan een enorme berg ijs, heerlijk.

’s Avonds eten we struisvogel, onderweg van en naar de grotten hebben we ontelbaar veel van die beesten gezien, ze worden hier gehouden zoals wij dat met koeien, varkens en kippen doen.

Weer een zeer geslaagde dag.

Kaapstad 2011/2: Kerstwandeling

Er staat één activiteit op het programma: een stevige wandeling in de bergen, de Kingfisher Trail.
Om half twaalf lopen we de deur uit, de zon schijnt volop. Al snel pikken we de wandelroute op en komen door een rietveld aan de lagune, na een paar kilometer begint dan het echte stuk in de heuvels waar de rivier doorheen loopt. De rivier komt uit in de lagune en komt uit de bergen; enkele kilometers landinwaarts ligt een waterval en daar willen we naar toe.

Onder aan de heuvels mag je betalen, gelukkig hebben we een pasje van het guest house mee gekregen, dat scheelt weer 88 Rand per persoon. Dat zijn trouwens toeristen tarieven, lokale bewoners zijn veel goedkoper uit.

Er zijn drie routes die je kunt lopen, wij beginnen met een route die een eind van de rivier afwijkt. Het blijkt een route te zijn met veel hoogteverschillen, het wordt ongelofelijk zweten. Gelukkig heeft de zon zich verscholen achter een laagje wolken.
Na enige tijd komt het spoor dat wij volgen weer bij de rivier uit en nemen het pad naar de waterval. Dat is eenvoudig te lopen, er zitten veel stukken met vlonders en trappen in terwijl het eerste pad dat wij volgden een smal paadje was met zeer laag overhangende bomen en struiken; trappen waren er niet, stammetjes en rotsblokken dienden als op- en afstapjes.

En daar was de waterval! Eigenlijk waren er twee, een kleine hoger gelegen waterval en een wat grotere die daarop aan sloot. Er tussen in zat een klein meertje waar de meesten gingen zwemmen, ik was zo stoer om met enige moeite via de rotsen naar de grotere waterval te klauteren. Het water was lekker fris en heb het lekker op mijn hoofd laten kletteren.

De terugweg ging via het eenvoudige pad, voor we wisten stonden we weer aan het begin van de tocht. We zijn blij dat we op de heenreis voor het moeilijke en zware pad gekozen hebben.

Het guest house heeft voor ons een tafel gereserveerd in restaurant Sails een stuk verderop aan het strand. We besluiten er naar toe te wandelen, de eigenaars van het guest house waarschuwen ons nog dat het nogal ver is, maar we gaan toch.
Onderweg naar het strand zien we op een groot grasveld allemaal zwarte mensen zich vermaken en aan het barbecuen (een braai in het Afrikaans), ook aan het begin bij het strand is het een drukte van jewelste. We wandelen als enige blanken door de groepen mensen heen en worden vriendelijk begroet.
Later horen we dat de zwarten twee keer per jaar hier een feest houden: eerste kerstdag en nieuwjaarsdag.

Na ruim een uur wandelen tegen de wind in op het strand zijn we er eindelijk. Het restaurant is gesloten wordt ons verteld maar als we zeggen dat we een reservering hebben mogen we naar binnen. En daar blijkt dat er geen reservering is! Kennelijk is er iets fout gegaan maar men doet niet moeilijk, we moeten 20 minuten wachten en dan mogen we aan tafel.
Halverwege de maaltijd komt iemand naar ons toe en vertelt dat de eigenaars van het guest house ons willen laten weten dat ze ons wel op willen komen halen als we dat willen, we vallen van verbazing bijna van onze stoel. Na het eten maken we er graag gebruik van, we waren sowieso al van plan een taxi te bellen, maar dit is veel makkelijker.

Kaapstad 2011/2: Koffie onderweg

’s Ochtends raak ik aan de praat met de eigenaar van het guest house, hij is een Engelsman en geëmigreerd naar het plaatsje Montagu. Ik vertel hem dat ik me elke dag weer verbaas over de vriendelijkheid van iedereen, gister werden we vaak begroet door blanke maar ook veel zwarte mensen. Volgens de eigenaar zijn de zwarten ook echt zo vriendelijk, ze zijn redelijk blij met het leven wat ze hebben ondanks dat ze arm zijn. Wat gister waarschijnlijk wel de vrolijkheid versterkte was dat het de laatste werkdag voor de grote vakantie was, het leven gaat nu ongeveer 3 weken plat zoals tijdens de zomervakantie in Nederland. Bovendien heeft iedereen zijn geld gekregen en alvast een drankje gedronken op de start van de vakantie en natuurlijk het aanstaande kerstmis.

Rond 11 uur stappen we in de auto richting ons volgend verblijf aan de kust. Vincent heeft dit van tevoren in Nederland al geregeld omdat het kerstavond is en we geen idee hebben of alles dan vol zit danwel gesloten is.
De route loopt weer door de bergen en we genieten weer volop van de prachtige uitzichten. Het is erg stil op de weg, het zal er ongetwijfeld mee te maken hebben dat het zaterdag 24 december is, de dag voor kerst.
Onderweg maken we nog een tussenstop voor een kopje koffie.
Bij de kust aangekomen, we zijn dik 4 uur onderweg geweest, gaat het stijl naar beneden en vinden we al snel ons guest house aan de lagune van het plaatsje Wildernis.
De eigenaars praten ons nogal bang over overvolle en gesloten restaurants rond deze tijd (daar waren we zelf ook wel een beetje bang voor), en bieden aan nog wat voor ons te regelen. ‘Doe maar’ zeggen wij en zodoende komen we in restaurant ‘The Girls’ terecht. Een prima restaurant waar we heerlijk gegeten hebben, maar vol zat het absoluut niet en er waren genoeg andere restaurants open; paniek om niks.

De eigenaars van het guest house leggen ons omstandig uit wat er allemaal te doen valt in Wildernis, hanggliden, kanoën, wandelen, en nog veel meer.
Morgen kijken we wel wat we gaan doen, maar de grootste kans maakt een wandeling naar een waterval in de bergen.

Opvallend is de gemoedelijkheid en het vertrouwen dat we elke keer weer meemaken. Drankjes bij de guest houses kun je gewoon pakken uit de koelkast, men vertrouwt erop dat je het opschrijft en later afrekent. De taxi van een paar dagen geleden was ook al zoiets: naar het restaurant toe hebben we niks betaald, dat hoefde pas aan het eind van de terugreis.

Kaapstad 2011/2: Wijnfietsen

We hadden in Nederland een reisbureau, Zuid-Afrika Online, in de arm genomen om deze eerste nachten te regelen, en iets van een wijntour. Dat gaat vandaag gebeuren: fietsend langs wijnhuizen en proeven maar.

Ik verwachtte een voorgekookt programma dat afgewerkt moest worden tussen 10 en 2 uur vandaag, maar dat bleek niet helemaal het geval. Om 10 uur worden we opgehaald door chauffeur Joepie, een gezellig babbelende man die ons naar het startpunt van de trip brengt.
Fietsen – dat doe je het liefst bij droog weer, maar dat was ons niet gegund, het begon licht te regenen. Als de verwachtingen uit komen dan is dit de enige regendag van onze vakantie, maar ook wel de slechtste.

Bij het beginpunt ontmoeten we vier mensen uit Kaapstad die ook met de trip mee gaan. We krijgen allemaal een mountainbike en een helm, daarna kunnen we onderweg.

De eerste wijnproeverij is bij Spier, het is in een gloednieuw gebouw dat er prachtig uit ziet. We krijgen drie wijntjes om te proeven; ze zijn lekker maar halen het niet bij onze Knorhoek wijnen.
De proeverij ligt tegen een cheetah reservaat waar we nog even naar binnen gelopen zijn om deze hardlopers te bekijken. Het zijn de snelste roofdieren op aarde, ze kunnen tot 110 kilometer per uur lopen!
Helaas worden ze met uitsterven bedreigd, daarvoor is veel aandacht in dit reservaat.

Voordat we naar de volgende proeverij vertrekken vraagt de gids ons of we mee willen lunchen, ook vraagt hij hoe laat wij weer opgehaald worden. Dat is hem kennelijk allemaal niet gemeld. Als we zeggen dat we om twee uur weer opgehaald worden zegt hij dat het qua tijd wel uit komt om te gaan lunchen; wij willen wel, net als de rest van de groep. De lunch blijkt niet bij de tour inbegrepen.

Bij het laatste stukje fietsen naar het restaurant begint het echt te regenen, Vincent is zo slim geweest een regenjack mee te nemen, ik word gewoon lekker nat.
Hier wordt ook bier gebrouwen, dus hoort ook bierproeven erbij. Na het bestellen van het eten stelt onze tourguide voor om nu eerst te gaan wijnproeven, dan kan de kok ondertussen het eten klaar maken.

De proeverij blijkt twee deuren verderop te zitten, we mogen vijf wijntjes proberen. Na de vierde is kennelijk het eten klaar en moeten we weer verhuizen naar het restaurant; het regent ondertussen pijpenstelen…

Na het eten is het nog 5 minuten fietsen naar het eindpunt, het regent nog steeds en weer drijfnat komen we aan. Het is niet echt koud, dus echt erg is het niet.
Joepie komt al snel aanrijden om ons weer naar Knorhoek te brengen. We hebben ons prima vermaakt.

We besluiten in het plaatsje Stellenbosch te gaan eten. Met enige moeite wordt een taxibedrijfje gevonden dat ons wel wil brengen en halen.
Om stipt zeven uur worden we opgepikt door Johan, het is niet echt een taxi maar een klein privé vervoersbedrijfje. Het maakt ons niet uit, de prijs is van tevoren afgesproken.
In Stellenbosch lopen we, voor we gaan eten, nog even door de hoofdstraat, Dorpsstraat genaamd, en vinden eigenlijk dat we hier nog wel een middag hadden kunnen doorbrengen; het ziet er nu in de avond een beetje saai uit maar overdag zal het ongetwijfeld een gezellig stadje zijn. Er is veel, heel veel beveiliging op de weg, op ongeveer elke straathoek staat een stadswacht die ook helpt bij parkeren. Bij de ingang van een winkelcentrum vind je ook bewaking.

We eten bij de volkskombuis, een restaurant dat bekend staat om het typisch Zuid-Afrikaans eten. We nemen een samengesteld gerecht met onder andere boboti, erg lekker. Het toetje bestaat ook uit vier verschillende gerechten, onder andere koeksister – wij zouden het oliebol noemen. Het is allemaal lekker, ik vrees dat we zwaarder thuis komen dan dat we weg gegaan zijn.

Johan zou ons om tien uur weer op komen halen maar hij is niet op tijd terug van het vliegveld, hij stuurt zijn vrouw om ons naar huis te brengen.
Prima